Door Michael Streur · 14 juli 2026
Salderen stopt in 2027: wat betekent dat voor je warmtepomp?
Per 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling. Je zonnestroom streept dan niet langer het winterverbruik van je warmtepomp weg; in mijn rekenvoorbeeld kost dat een tussenwoning zo’n €515 per jaar. Hieronder reken ik dat voor en kijk ik of een dynamisch contract of thuisbatterij het verschil goedmaakt.
Wat er precies verandert per 1 januari 2027
Eerst kort hoe het nu werkt. Bij salderen streept je energieleverancier de stroom die je zonnepanelen terugleveren, weg tegen de stroom die je afneemt. Dat gebeurt op je jaarafrekening, tegen hetzelfde tarief. Je zomerse opwek betaalt zo je winterse verbruik.
Voor een huishouden met een warmtepomp is dat een groot voordeel. Juist die warmtepomp zorgt namelijk voor veel stroomverbruik in de winter.
Per 1 januari 2027 stopt dit. De Wet beëindiging salderingsregeling schaft het salderen in één keer af, zonder geleidelijke afbouw. Voor stroom die je daarna teruglevert, krijg je alleen nog een terugleververgoeding van je energieleverancier. Die vergoeding is wettelijk minimaal 50% van het kale leveringstarief – het tarief zonder energiebelasting en btw.
In de praktijk komt dat naar verwachting neer op zo’n €0,04 tot €0,06 per kWh (kilowattuur). Voor stroom die je afneemt, betaal je al gauw €0,23 tot €0,28 per kWh.
Daar komt iets bij: veel energieleveranciers rekenen nu al terugleverkosten voor klanten met zonnepanelen. Dat is een vast bedrag per maand of enkele centen per teruggeleverde kWh. De richting is duidelijk. Terugleveren wordt steeds minder aantrekkelijk en zelf gebruiken op het moment van opwek wordt de norm.
Hoeveel stroom verbruikt een warmtepomp per jaar?
Om het effect voor jouw situatie te snappen, moet je eerst je verbruik kennen. Voor een goed geïsoleerde woning met een volledig elektrische (all-electric) warmtepomp zijn dit gangbare jaarverbruiken:
- tussenwoning: rond de 3.000 kWh
- hoekwoning: zo’n 3.400 kWh
- 2-onder-1-kapwoning: ongeveer 3.700 kWh
- vrijstaande woning: al snel 4.500 kWh of meer
Heb je een hybride warmtepomp, dan ligt het stroomverbruik lager omdat de cv-ketel bijspringt. Reken globaal op 1.600 kWh voor een tussenwoning tot zo’n 3.300 kWh voor een vrijstaande woning. Daar staat tegenover dat je dan nog wél gas verbruikt.
Deze cijfers zijn indicaties. Het werkelijke verbruik hangt af van je isolatie, het rendement van je warmtepomp, je gewenste binnentemperatuur en je gezinssituatie.
Dat rendement heet de COP (Coefficient of Performance): het getal dat zegt hoeveel warmte een warmtepomp uit 1 kWh stroom haalt. Hoe hoger de COP, hoe lager je stroomkosten. De meeste warmtepompen halen gemiddeld een COP rond de 4. Uit 1 kWh stroom komt dan zo’n 4 kWh warmte.
Ter vergelijking: een gemiddeld huishouden zónder warmtepomp verbruikt zo’n 2.500 à 3.000 kWh per jaar aan overige apparaten. Een all-electric warmtepomp verdubbelt je stroomverbruik dus ruwweg.
De mismatch: je warmtepomp draait als de zon het laat afweten
Nu het echte probleem. Het gaat niet alleen om hoevéél stroom je warmtepomp verbruikt, maar vooral om wannéér. Grofweg 80% van het jaarverbruik van een warmtepomp valt in het winterhalfjaar, van oktober tot en met maart. Binnen die maanden draait hij vooral op de koudste momenten: ’s avonds, ’s nachts en in de vroege ochtend.
Zonnepanelen doen precies het omgekeerde. In december tot en met februari leveren panelen in Nederland samen grofweg 10% van hun jaaropbrengst. Het hele winterhalfjaar komt op zo’n 20 tot 25% uit. Het overgrote deel van je zonnestroom ontstaat tussen april en september, midden op de dag – precies wanneer je warmtepomp weinig tot niets nodig heeft.
De salderingsregeling werkte als een soort gratis jaarbatterij. Je zomerse overschot werd op papier bewaard voor je winterse warmtepompverbruik. Die jaarbatterij verdwijnt per 1 januari 2027.
Wat overblijft, is wat je op hetzelfde moment opwekt én verbruikt. Voor een warmtepomp is dat zonder opslag maar een bescheiden deel: in de orde van een vijfde tot een kwart van zijn verbruik. In de donkerste maanden is het nog minder.
Rekenvoorbeeld: tussenwoning met warmtepomp en 10 zonnepanelen
Laten we het concreet maken. Neem een goed geïsoleerde tussenwoning met een all-electric warmtepomp die 3.000 kWh per jaar verbruikt. Op het dak liggen 10 zonnepanelen die samen zo’n 3.500 kWh per jaar opwekken. Ik reken met een stroomprijs van €0,27 per kWh (gemiddelde all-in prijs, juli 2026) en een terugleververgoeding van €0,05 per kWh vanaf 2027.
Mét saldering, zoals nu in 2026: de 3.500 kWh opwek wordt weggestreept tegen je verbruik. De 3.000 kWh van je warmtepomp kost je op de jaarafrekening per saldo vrijwel niets. Eventuele vaste terugleverkosten van je leverancier laat ik even buiten beschouwing. Dit is de rooskleurige som waarmee veel warmtepompen de afgelopen jaren zijn verkocht.
Zónder saldering, vanaf 2027: stel dat je warmtepomp zo’n 20% van zijn verbruik direct uit je panelen haalt, op momenten dat de zon schijnt. Dat is zo’n 600 kWh. De overige 2.400 kWh koop je in voor €0,27 per kWh: zo’n €650 per jaar. Het zomeroverschot dat je niet zelf gebruikt (pakweg 2.700 kWh) lever je terug voor €0,05 per kWh en dat brengt zo’n €135 op.
Per saldo betaal je dan ongeveer €515 per jaar voor stroom die je onder de salderingsregeling vrijwel gratis had.
Voor een hybride warmtepomp is het effect kleiner, simpelweg omdat het stroomverbruik lager is. Bij 1.600 kWh per jaar kom je met dezelfde aannames op globaal €275 per jaar extra uit. Let wel: dit zijn indicaties met afgeronde aannames. Je eigen situatie hangt af van je verbruik, je opwek en de tarieven van je leverancier.
Loont een warmtepomp dan nog wel? Een eerlijk antwoord
Het klinkt somber, maar de conclusie is genuanceerder. Het einde van salderen raakt vooral de businesscase van je zónnepanelen, niet die van je warmtepomp zelf. De juiste vergelijking is namelijk niet ‘warmtepomp met gratis zonnestroom versus warmtepomp met betaalde stroom’. De juiste vergelijking is ‘warmtepomp versus gasketel’.
Dezelfde tussenwoning stookt op gas al snel 1.100 tot 1.200 m³ per jaar. Bij een gasprijs van zo’n €1,35 per m³ is dat €1.500 tot €1.600 per jaar. De warmtepomp verbruikt 3.000 kWh. Zelfs als je die stroom volledig inkoopt voor €0,27 per kWh, kost dat ruim €800 per jaar.
De besparing ten opzichte van gas blijft dus overeind. Alleen het extraatje ‘en dankzij mijn panelen is die stroom ook nog eens gratis’ verdwijnt grotendeels.
Eerlijk is eerlijk: wie zijn warmtepomp heeft doorgerekend inclusief salderende zonnepanelen, gaat er vanaf 2027 op achteruit. De terugverdientijd loopt dan op. Daarom is mijn advies al langer: beoordeel de warmtepomp op zijn eigen besparing, dus op wat hij scheelt op gas. Zie zonnepanelen als een aparte investering.
Wachten met een warmtepomp ‘tot na 2027’ heeft geen zin. De regeling verandert niets aan wat een warmtepomp bespaart ten opzichte van gas. Ondertussen betaal je wel jaren langer de volle gasrekening.
Helpt een dynamisch energiecontract?
Bij een dynamisch contract verschilt de stroomprijs per uur. Dat kan het verlies van saldering deels verzachten, maar verwacht er geen wonderen van.
Eerst het voordeel. Op zonnige middagen zijn dynamische prijzen vaak laag. In het voor- en najaar kan een slimme warmtepomp daarop inspelen: hij gebruikt je boiler of vloerverwarming als warmtebuffer en verwarmt vooruit op goedkope uren. Woningen met vloerverwarming hebben een streepje voor, omdat de vloer warmte lang vasthoudt.
Dan de eerlijke kanttekening. Je warmtevraag zit op koude, donkere momenten. Die kun je uren verschuiven, maar geen seizoenen. Bovendien zijn dynamische uurprijzen op windstille, koude winteravonden juist vaak hóger dan een vast tarief – precies wanneer je warmtepomp op volle kracht draait.
Zonder slimme aansturing kan een dynamisch contract voor een warmtepomphuishouden dus zelfs ongunstig uitpakken. Mijn inschatting: wie er bewust mee omgaat en een warmtepomp met goede regeling heeft, haalt een bescheiden besparing. Denk aan tientallen tot misschien een paar honderd euro per jaar. Het is een optimalisatie, geen vervanging van de salderingsregeling.
Heb je naast je warmtepomp ook een elektrische auto? Dan ligt daar veel méér te halen. Een auto kun je, anders dan je verwarming, wél volledig naar de goedkope of zonnige uren sturen.
Helpt een thuisbatterij?
Een thuisbatterij lijkt de logische oplossing: sla je eigen zonnestroom op en gebruik hem als de warmtepomp draait. Voor de dagcyclus klopt dat ook. Een batterij van 5 tot 10 kWh vangt je middagopwek op voor de avond en de nacht.
In het voor- en najaar wekken je panelen nog redelijk op én draait je warmtepomp al. In die maanden kan een batterij de eigen benutting van je zonnestroom flink verhogen.
Maar hier moet ik eerlijk zijn. Voor het kernprobleem van de warmtepomp – de wintermismatch – doet een thuisbatterij weinig. In december en januari wekken je panelen simpelweg te weinig op om iets van betekenis op te slaan. Je warmtepomp verbruikt dan juist het meest.
Een batterij overbrugt uren tot een dag, geen seizoenen. Een ‘zomerstroom-in-de-winter-batterij’ bestaat voor huishoudens niet.
Wat een batterij ná 2027 wél interessant kan maken, is de combinatie met een dynamisch contract. Je laadt dan goedkoop, uit eigen opwek of van het net op daluren, en ontlaadt op dure uren. Schattingen van de terugverdientijd lopen sterk uiteen. Leveranciers noemen 5 tot 10 jaar, maar onafhankelijke partijen zoals de Rabobank noemen de terugverdientijd zeer onzeker.
Die onzekerheid komt door toekomstige prijsschommelingen en het beleid van netbeheerders. Reken dit dus kritisch door voordat je koopt.
Hoeveel zonnepanelen heb je nodig voor een warmtepomp?
Blijven zonnepanelen dan nog zinvol naast een warmtepomp? Op jaarbasis is de rekensom simpel. Eén paneel levert in Nederland zo’n 350 kWh per jaar.
Voor de 3.000 tot 4.500 kWh van een all-electric warmtepomp heb je dus 8 tot 13 panelen extra nodig. Die komen bovenop de panelen voor je overige verbruik.
Maar na alles hierboven weet je: dat is een jaargemiddelde. Vanaf 2027 dekt die opwek je warmtepompverbruik niet meer één-op-één. Het grootste deel wordt in de zomer opgewekt en gaat tegen een lage vergoeding het net op.
Panelen blijven de moeite waard. Ze zijn goedkoper dan ooit, en stroom die je direct zelf gebruikt bespaart de volle prijs. Maar extra veel panelen leggen ‘voor de warmtepomp’ loont na het einde van salderen minder dan voorheen.
Conclusie: wat zou ik doen?
Het einde van de salderingsregeling per 1 januari 2027 maakt de combinatie warmtepomp-plus-zonnepanelen minder vanzelfsprekend voordelig. In mijn rekenvoorbeeld scheelt het een tussenwoning zo’n €515 per jaar. Maar de kernconclusie is een andere: de warmtepomp zelf blijft besparen ten opzichte van gas, salderen of niet.
Mijn advies in het kort:
- Beoordeel de warmtepomp op zijn eigen besparing ten opzichte van je gasrekening.
- Wacht niet op 2027, want dat levert je niets op.
- Zie zonnepanelen als een aparte investering die ook zonder saldering uit kan, maar reken met de terugleververgoeding in plaats van het volle tarief.
- Bekijk een dynamisch contract of thuisbatterij als optimalisatie achteraf – niet als reden om de hele beslissing uit te stellen.
Wil je weten wat dit voor jouw woning betekent? Mijn gratis keuzehulp geeft je een persoonlijke indicatie van kosten, subsidie en besparing.
Meer lezen
Gerelateerde artikelen
Benieuwd wat een warmtepomp jou oplevert?
Vraag gratis en vrijblijvend een offerte aan, op maat van jouw situatie.
Vraag gratis een offerte aan